Hoe langer je op een slechte locatie woont, hoe hopelozer het wordt

De betonstop blijft voor de nodige animo zorgen. Aanleiding is een enquête  door een vooraanstaande bouwfirma waaruit blijkt dat de helft van de Vlamingen dit toch een stap te ver vindt. Heel wat mensen zouden zich namelijk zorgen maken over het verlies in waarde van hun woning of bouwperceel. Vlaams minister van Energie, Bart Tommelein (Open Vld), erkent het probleem en belooft garanties. Zijn collega Joke Schauvliege (CD&V), bevoegd voor Ruimtelijke Ordening, spreekt over onnodige bangmakerij.

“De duurste en grote villa’s op de meest verafgelegen plaatsen geraken nu al bijna niet meer verkocht. “

“Groepswoningbouwprojecten moeten op betere locaties gebeuren.”

“Het is simpel. Als je op een slechte grondlocatie zit: hoe langer je die houdt, hoe hopelozer het wordt.”

Bovenstaande  3 referenties tussen de tekst plaatsen met lintje boven en onder  verdeeld over het volledig artikel

 “Uitdoving financieel draaglijk maken”

Dat op bepaalde plaatsen de grond- en vastgoedwaarde zal dalen, staat echter onherroepelijk vast. Zo gaf Vlaams Bouwmeester Leo Van Broeck aan tijdens een expertengesprek dat onze redactie onlangs organiseerde. “Dat de mensen en de banken bang worden, is evenzeer onvermijdelijk. Het gebeurt al op dit moment. De duurste en grote villa’s op de meest verafgelegen plaatsen geraken nu al bijna niet meer verkocht. Dat fenomeen gaan we ook zien bij de middelgrote en uiteindelijk de kleine, verafgelegen kruimels.”

Hoe moeten we dit aanpakken? “Enerzijds moet de overheid die uitdoving financieel draaglijk proberen te maken. Door te zoeken naar manieren waarop mensen hun opgespaarde vastgoedwaarde kunnen verzilveren door ergens anders meer verdichting te creëren, bijvoorbeeld door in een stedelijke kern mee te investeren in een groter woonproject.”

“Zolang de grond enigszins betaalbaar blijft, blijven de mensen proberen om een villa of kleinere woning te verwerven op een locatie die voor hen minder kost. Zelfs als dat op lange termijn negatief weegt op hun mobiliteitskosten, quality time met het gezin en de waarde van hun vastgoed.”

“Zelf op tijd de juiste keuze maken”

Dé sleutel volgens Van Broeck: “Groepswoningbouwprojecten moeten op betere locaties gebeuren. En voor de bouwer is het belangrijk om mee de juiste keuze te maken. Kijk grondiger en veel langer rond en probeer op lange termijn te kijken: hoe goed ben ik eraan toe binnen twintig jaar, als mijn kinderen naar de universiteit gaan en mijn pand op de buiten op dat moment niets meer opbrengt? Misschien ben je je op langere termijn financieel wel droog aan het leggen.”

“Het is simpel. Als je op een slechte grondlocatie zit: hoe langer je die houdt, hoe hopelozer het wordt. Want je weet dat die nooit meer in waarde stijgt.”

De oplossing?

Waar ligt dan de sleutel van onze toekomstige manier van wonen? “Betaalbare woningen ontwerpen in de steden. Door ze klein genoeg, maar toch concurrentieel te maken met onze droomwoning, de zogenaamde fermette. Daktuinen, veranda’s, tuinen, dienstenplekken, zonder dat je het doet met veel vierkante meters. Als je ziet hoe tevreden een oliesjeik is op zijn jacht, op zo’n kleine oppervlakte, dan moet je toch dingen kunnen maken die betaalbaar zijn?

Is wonen in de stad dan niet duurder?

Stel: je maakt toch de keuze om je te gaan settelen in een stad- of grotere dorpskern. Is dit alles nog te betalen voor de particulier, rekening houdend met de strengere energetische eisen? Van Broeck wil naar het bredere plaatje kijken. “Een afgelegen woning kost de overheid ongeveer 2.000 euro per jaar meer dan een woning in een stads- of dorpskern. Dat is 60.000 euro over een afschrijftermijn van dertig jaar die je via de belastingen zal betalen.”

“Bovendien moet je ook denken aan je levenskwaliteit. Vijftien van mijn zestien collega-architecten hebben een betaalbare woning gevonden middenin de stad, met of zonder kinderen. Zij zijn helemaal niet duurder af dan in een woning in een verkaveling.”

“Denk ook aan de files. Als je anderhalf uur per dag op de baan bent, dan heeft dat meteen neveneffecten: minder tijd om je partner of kinderen te zien, om te sporten, om op je gemak te eten. Wat is dan betaalbaar, wat is de echte prijs?”

Auteur: Gerry Klompers, Tom Mondelaers, Vicky Macken

Livios